Interview Wim Rhebergen

 

 

 

 

 

    Interviews

    Home

 

    Contact:info@rhegie.com

 

 

      

       P1012762bewerkt internet

 

 

   Bert Koerselman

   Ik was een jongen met een geheim

 

 

 

 

 

 

 

  Bert Koerselman

 

  ‘De verkeerde kant…’

 

  Uitgeverij Boekscout.nl Soest

  2010, ISBN: 978-94-6089-851-8

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De eerste zin in het voorwoord van het boekje ‘De verkeerde kant…’ van Bert Koerselman luidt: “De titel van dit boek verraadt wellicht dat er sprake is van homoseksualiteit, en dat is juist….. De hoofdpersoon ontdekt met vallen en opstaan ‘de goede kant’, wat uiteindelijk een mooi en gelukkig mens van hem maakt.’

Bert Koerselman heeft zijn vriend Maarten Icks meegenomen. Een gelukkig stel, dat – zo blijkt in de loop van het gesprek – al dertien jaar bij elkaar is.

Bert zegt blij te zijn dat het boek nu uitgegeven is en overhandigt mij een exemplaar. Het boek heeft een speels roze kaft. Ik vraag hem of het boek autobiografisch is. “Nee! Het tegendeel is het geval. Ik heb het boek geschreven uit bewondering voor mensen, die het vertrouwde los durven te laten en voor zichzelf kiezen, omdat het niet anders kan.”

 

 

 

 

4bccccbewerkt internet

 

 

Ik was een jongen met een geheim

“Eigenlijk is dit mijn tweede boek. Ik heb al eerder een boek geschreven, maar dat kent niemand; alleen Maarten heeft het gelezen.

Dat eerste boek ging over mijzelf.

Dit tweede boek is precies het tegenovergestelde.

De hoofdpersoon komt al op jonge leeftijd voor zijn homoseksuele gevoelens uit, ondanks dat hij in een omgeving is geboren en opgegroeid, die homoseksualiteit afwijst.

Hij is sterk en moedig. Ik zou willen dat het ook bij mij zo gegaan zou zijn.

Ik was 27 toen ik uit de kast kwam.”

“Wat hield je tegen?”

“Nee, het waren niet mijn ouders; zij waren vrij liberaal en zouden daarover geen problemen hebben gemaakt. Nee, het zat meer in mijzelf.

 

 

 

 

 

hier ben ik achter in de twintig

3e schooljaar van de MTS in Deventer, afd. bouwkunde, ik ben hier ca. 20 jaar (bovenste rij, 3e van links) →

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

“Maar die kinderlijke naïviteit was ineens voorbij. Ik was een jongen met een geheim.”

 

 

3bbbbbbbs bewerkt internet

 

Ik was ongeveer 14 jaar, toen tijdens de les maatschappijleer over homoseksualiteit werd gesproken naar aanleiding van een tentoonstelling in een jongerensoos.

Het was een jongensschool en ik merkte hoe iedereen in de klas er erg lacherig op reageerde. Ik begreep dat mijn gevoelens een naam hadden, homoseksualiteit, maar ook dat ik er heel voorzichtig mee moest zijn.

Mijn gevoelens waren dus niet zo normaal als ik altijd had gedacht.

Maar ik ben niet naar de tentoonstelling wezen kijken en ook op de jongerensoos liet ik me niet zien.

Mijn kleine verliefdheden had ik voordien nooit als probleem ervaren.

Ik deed er toch geen mens kwaad mee? Maar die kinderlijke naïviteit was ineens voorbij. Ik was een jongen met een geheim.”

1bertbewerkt

 

Ik liep vast

“Tot mijn zevenentwingste heb ik met dat geheim rondgelopen.

Er gebeurde in mijn leven van alles.

Ik kreeg een baan bij Defensie en verhuisde van Zutphen, waar ik tot dan altijd had gewoond, naar Elburg.

Ik weet nog wel dat ik Zutphen per se wilde verlaten als ik daarvoor de kans kreeg en dat had te maken met mijn geheim.

Maar ja, toen kwam ik in Elburg op de Veluwe en dat was ook niet bepaald een omgeving die uitnodigde om iets met mijn geheim te doen.

In Zutphen had ik nooit over mijn homoseksuele gevoelens gesproken en in Elburg deed ik dat ook niet.

Ik was bang, eenzaam, alleen.

Als je met een geheim rondloopt, is je belangrijkste zorg toch dat niemand dat geheim te weten komt.

Ik had geen vrienden.

Ik was bang om vrienden te maken.

Later heb ik wel eens gedacht dat je het maken van vrienden juist in de puberteit leert.

Elkaar in vertrouwen nemen, delen van ervaringen, ook ruzie maken en vrede sluiten. Het zijn allemaal dingen die ik later heb moeten leren.

Ik heb als het ware de puberteit overgeslagen.

En dan loop je toch op een bepaald moment vast. Ik werd overspannen. Toen was ik dus zevenentwintig.”

 

 

Hier ben ik ca. 18 jaar en bezig als kerkorganist in mijn geboorteplaats Zutphen in de gereformeerde kerk 'de Wijngaard'

 

 

Co en Rien

“Aan Co en Rien, een ouder echtpaar, heb ik toen als eerste over mijn homoseksuele gevoelens gesproken.

Co kende ik uit de plaatselijke werkgroep “Amnesty International” en Rien was een collega kerkorganist die mij ook heeft gepusht om organist te worden.

Het gesprek was een hele stap voor mij, maar zij reageerden heel rustig met: “Bert, wat vertel je ons nu voor nieuws?”

Ze waren helemaal niet geschokt of zo.

Integendeel, het leek eerder nonchalant, zo van ‘ waar maak je je druk om?’

Na dit gesprek gebeurde er van alles.

Ik was opgelucht door hun positieve reactie.

Ze hebben me ook geholpen om het bij anderen bespreekbaar te maken.

Zij hebben mensen met wie ik omging, voorbereid op mijn ‘coming-out’. Niemand deed er moeilijk over.”

P1012768 bewerkt internet

Bert Koerselman 2010

 

De Kringen

“Hoe ging het verder?”

“In Zwolle, de grote stad niet zo ver van Elburg,  had je het C.O.C en ‘De Kringen’, twee organisaties met een homoseksuele identiteit.

Het C.O.C. was meer extravert, wilder dan ‘De Kringen’, die introverter waren, ‘veiliger’.

Het C.O.C was nog een stap te ver, ik ging dus naar “De Kringen’.

Een oude Dominicaanse pater leidde daar een gespreksgroep voor homoseksuele mannen.

Het was een gespreksgroep, maar het was ook een beetje soosachtig.

Je kon er je ‘gevoelsgenoten’ ontmoeten.

‘De Kringen’ waren destijds opgezet door de bekende pater Van Kilsdonk, Alje Klamer, de televisiedominee in die dagen en ds. Brussaard.”

 

Maarten : “Als ik in Amsterdam uitging, in de jaren negentig, zag ik pater Van Kilsdonk door de homotenten schuifelen. Ja, dat deed hij. Een bijzondere man. Het was ergens in de negentiger jaren.”

 

Bert: “Bij ‘De Kringen’ leerde ik Frits kennen. Ook een Dominicaan. We konden goed met elkaar praten en we gingen samen ook wel eens naar een concert. Hij stierf onverwachts. Hij kwam niet opdagen voor de eucharistie. Toen men ging kijken waar hij bleef, zag men hem dood in zijn bed liggen. Het was een hele schok voor iedereen die hem kende.”

 

 

 

 

 

Men wist niet dat er zo veel homoseksuelen in Ermelo rondliepen.

 

Ermelo

“Ik verhuisde naar Ermelo en was daar actief als kerkorganist in de PKN (Protestantse Kerk in Nederland).

In dat kader was ik nauw betrokken bij de roze viering.

Toen twee Ria’s hun kind wilden laten dopen (een van de Ria’s baarde het), zei ds. Jan Brörens: “Kom maar bij ons!”

De kerk puilde uit. In de Nederlandse pers werd er druk over de dienst geschreven. Er was veel ophef.

Naar aanleiding van de dienst zijn toen ‘De Kringen’ in Ermelo opgericht.

Men wist niet dat er zo veel homoseksuelen in Ermelo rondliepen.

Ik werd mede-kringleider.

Veel mensen hebben me toen hun verhaal verteld.

Vaak treurige verhalen, waarin voortdurend bleek hoe moeilijk het was om je als homoseksueel vrij te voelen in een vijandig christelijk milieu.

Al die verhalen waren mede een inspiratiebron voor mijn boek.

 

De hoofdpersoon Mark Broshuis komt uit een streng orthodox christelijk gezin, waar vader de baas is. Als Mark over zijn genegenheid voor zijn vriend spreekt, zegt zijn vader: “Het is een duivelse ziekte, een gruwel in Gods ogen en ik wil niet dat mijn zoon hieraan toegeeft.”

 

Het is heel moeilijk om de confrontatie met je ouders aan te gaan, zoals mijn hoofdpersoon dat wel doet. Ik bewonder dat in hem.

Ik vind dat je dat eigenlijk zo moet doen.

Daarom heb ik het boek ook geschreven, om te laten zien hoe het ook kan.

Even terzijde: In het boek zijn alle plaatsnamen verzonnen, zodat niets te herleiden is personen en plaatsen.”

 

P1012773 bewerkt internet

Maarten Icks 2010

 

Bert en Maarten

“En hoe hebben Bert en Maarten elkaar ontmoet?”

“Dat was in Heeze, Noord Brabant, op het conferentieoord ‘Kappellerput’.

Wij waren, zonder dat we elkaar toen nog kenden, beide op een weekendbijeenkomst, georganiseerd door Het Humanistisch verbond en uitgevoerd door Odyssee.

Bij de ontbijttafel kwamen we naast elkaar te zitten.

Maarten: “Ik had je de avond tevoren al wel gezien – of eigenlijk ’s nachts. Het was volgens mij een uur of twee. Ik ontdekte je toen je tegen een muurtje zat.”

“We woonden ver van elkaar en we hebben in de eerste twee jaar veel gependeld. Ik met de auto, Maarten met de trein.

Liefde overwint alles. In 1998 zijn gaan samenwonen. Binnenkort verhuizen we naar Zwolle. Binnenkort – dat is dus twee dagen na het interview. Een nieuwe tijd breekt aan - met wellicht een nieuw boek.” 

 

 

 

 

 

CheckStat