Home

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Marianneke Beurskens

 

KEn Uzelf  een autobiografie.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

EeN Boekbespreking door Piet Gielen

 

Augustus 2007

 

 

 

 

 

 

Boek te bestellen via  Kirjaboek

 

Website van Marianneke

 

 

Marianneke en haar boek.

Een aantal maanden geleden kwam ik Marianneke tegen bij een treinvertraging. Dat resulteerde in een diepgaand gesprek.

Ik was dan ook erg benieuwd naar haar boek dat onlangs uitkwam.

Ze heeft namelijk heel wat moeten verduren in de zware tegenstroom van het leven.

Ze kwam veel afwijzing van haar diepste zelf tegen.

Haar moeder had bijvoorbeeld liever een jongen gehad in plaats van deze  Marianneke. 

Haar leven is ook een voortdurende worsteling geweest met de ziekte scoliose.

Deze bracht ook nogal wat ongemak bij haar muzikale carričre. Ze studeerde onder andere zang, piano, en koordirectie. Uiteindelijk wordt ze ook werkzaam in de muziektherapie bij geestelijk gehandicapten. Ook haar zoon Leon is geestelijk gehandicapt.

Marianneke  ontmoet ook veel tegenstrevingen vanuit de Rooms-katholieke Kerk.

En ga zo maar door. U kunt het allemaal lezen in het boek.

Ze laat zich echter niet zo gauw op de kop zitten. Zo zat ze namelijk in de wieg al in elkaar.

Ongerechtigheden laten haar dan ook wel eens letterlijk en figuurlijk braken.

In het boek lees ik tot mijn genoegen dat Marianneke altijd weer als een soort sjamanistische hindoegodin blijft dansen en zingen op de snaar van haar diepste warme  waarheid.

En dat ze hierin rijpt, en dat niet alleen zijzelf maar ook haar ‘tegenstrevers’ doorgaans gelouterd uit de ‘aardse strijd’ komen.

Het boek kan dus hoop en inspiratie geven aan mensen die het moeilijk hebben in het leven.

 

Verbale dissociatie al helende verteltechniek.

Na de inleidende hoofdstukken gaat Marianneke van de ik-vorm over naar het hij-perspectief.

Dat kan bij het lezen even wennen zijn. Ik vind het een goede  keuze van haar. Haar leven kent nogal wat dramatische belevenissen, en door dit vertelperspectief zet je die als het ware op een paar centimeter afstand.

En zo heeft de lezer ruimte om het verhaal vanuit zijn persoonlijke eigenheid goed te volgen.

Wat gepresenteerd wordt komt dus minder absoluut over.

De psychologische conclusies die de schrijfster tussentijds wel eens trekt, krijgen zo ook iets genuanceerds.

Bovendien moet op deze manier het schrijfproces voor Marianneke helend en therapeutisch zijn geweest.

Net zoals een nare droom minder lang bij je blijft hangen, als je er vanuit een neutraal punt van je geest even naar kijkt en vervolgens  de droom zijn weg laat gaan.

In therapieën wordt deze techniek bij het los willen komen van moeilijke zaken wel eens toegepast als visuele dissociatie.

Het wordt dan ook wel de ‘televisietechniek’ genoemd. Dat gaat dus echt met beelden.

 

Humor o.a. als wapen tegen de kleren van de rooms-katholieke keizertjes.

Marianneke volgt haar eigen spirituele weg, en bij de confronterende situaties met de Rooms-katholieke

clerus kan dit tot humoristische beschrijvingen leiden. Ik kan er tenminste geregeld hartelijk om lachen.

Een voorbeeld. Bij een  soort gespreksgroep  van geestelijk gehandicapte kinderen, ouders en een priester komt haar zoon Leon nogal grappig uit de bus. Het is net de tijd dat Paul de Leeuw het woord complexje veel gebruikt. Dit tot grote lol van Leon. Het is dan een keer erg warm en de priester doet zijn boordje af.

Leon wil het dan bij zichzelf omdoen. De priester die altijd als een erg kerkelijk wijsneus optreedt, is hier niet van gediend.

Citaat blz. 145. “Haar zoon .. pakte het boordje weer beet. De priester nam dit resoluut en geďrriteerd af.

Hun zoon vroeg hem heel rustig: "Is dat jouw waardigheidscomplexje?”

Marianneke lag in een deuk bij deze uitlating en de priester sommeerde haar boos om haar zoon eens bij te brengen dat deze uitlating bij een priester niet kon.” 

Ook als vrouw krijgt Marianneke nogal wat te verduren uit de door mannen gedomineerde kerk.

Ze weet de dienaren van de kerk echter regelmatig in hun ledige kleren van de keizer te ontmaskeren.

Ze gaat zelf op zoek in de filosofie en psychologie, en dan vindt ze de bevestigingen van wat ze altijd al wist. Namelijk dat de spiritualiteit van de  clerus en aanverwanten soms niet meer is dan opgedirkt ego, vastgeklonken angst, of noem maar op.

 

Een openhartig boek.

Voor een buitenstaander zoals ik, leest het boek als een roman. Het is echter een autobiografie, en de directe familieleden worden met naam genoemd. In eerste instantie zou ik mijn hart vasthouden als me dat als familielid zou overkomen. Zeker als je in dit boek leest dat er nogal wat is voorgevallen. Het meest pijnlijk is het perverse gedrag van Mariannekes moeder, die in haar onderlichaam en borsten knijpt als ze volwassen gaat worden.

Door het bovengenoemd vertelperspectief is het echter zo dat je voldoende ruimte hebt als lezer om achter al deze ontboezemingen  een diepe liefdevolle snaar van Marianneke te horen klinken. Ze neemt bovendien zichzelf net zo onder de loep als ze dat bij anderen doet.

En er is bijna steeds een genadevolle ontroerende catharsis tussen haar en de meest naaste familieleden.

Dat maakt voor mij het boek juist zo positief. Ze heeft nooit opgehouden het goede te willen. Hoe zwaar het leven ook viel.

In de beschrijvingen komt Marianneke naar voren als iemand die er geen doekjes om windt, en vrij direct kan reageren. Dat heeft natuurlijk tot gevolg dat anderen ook vaak direct op haar reageren. Verontwaardigd of beledigd of zo. Dat is dan meestal niet de inzet geweest van Marianneke geweest.

Ik heb zelf in mijn gesprekjes met haar gemerkt dat je het beste haar woorden even op je in kunt laten werken, voordat je reageert. Op die manier kom je in contact met de liefdevolle klank van een snaar die trilt vanuit haar diepste waarheid. Tenminste zo zie ik het. Het sluit ook mooi aan bij de titel van het boek ‘ Ken Uzelf’. Welke ook weer alles  te maken heeft met geestelijke zelfrealisatie, een doel dat we kennen uit het Hindoeďsme en tot  op verre hoogte ook uit het Boeddhisme.

Geen wonder dus dat Marianneke in conflict komt met eenzijdig ingestelde orthodoxe mensen.

Ze kijkt over de grenzen heen, ook over die van haarzelf. Altijd op zoek om verder te leren.

 

Eigen taalgebruik

Marianneke heeft haar eigen stijl. Dat maakt het boek gezellig. Er zitten een paar drukfouten in het boek, maar die gaan er in de volgende druk uit, heeft ze me verteld.

Zo hier en daar lopen de zinnen niet helemaal zoals het officieel hoort. Als je daar niet als een schoolmeester op gaat letten, dan heeft dat ook wel iets. Het wordt iets eigens van Marianneke. Net zoals de gedachtesprongen waar je soms de tijd voor moet nemen. Ik zou zeggen, schrijfster laat ze er in zitten. Want als lezer ga je mee zitten denken, en zo kom je dichter bij de eigen gedachtewereld met de eigen waarheid die Marianneke in haar leven zo heeft moeten bevechten.